maandag 16 april 2018

Een geestverruimende trip



 JACK COOL 1966 (Manini & Mangin)

De merkwaardige titel van dit boek, Enkele dagen voor Jezus Grijstus..., verwijst naar meneer Conrad, de succesvolle directeur van een Detroitse autofabriek en Vietnam-veteraan, die op een dag verdwijnt. Hij zegt zijn bestaan als fabrieksdirecteur vaarwel en duikt maanden later volkomen verwaarloosd weer op in een hippiecommune. De hippies vangen hem op, verzorgen hem en geven hem de bijnaam Jezus Grijstus.
Het is 1966, de leider van de hippiegemeenschap is Ken Kesey, een van de eerste proefpersonen voor experimenten met LSD. Hij schrijft er een boek over (One Flew over the Cuckoo's Nest) en dat levert hem zo veel geld op dat hij een autobus koopt die hij vol stopt met geestverruimende middelen en hij begint aan een trip door de Verenigde Staten. Tom Wolfe beschreef die trip die Kesey maakte met zijn hippe aanhangers in  The Electric Kool-Aid Acid Test.
Op zijn beurt schreef Jack Manini over die kleurrijke dagen een tweedelig stripverhaal, waarvan dit het eerste deel is. Historische gegevens vermengt hij met verzonnen personages, zoals Jezus Grijstus en de detective die in opdracht van zijn vrouw naar de verdwenen fabrieksdirecteur op zoek gaat. Behalve Ken Kesey wordt ook Jayne Mansfield opgevoerd als strippersonage, het populaire model dat zich aansloot bij de satanskerk. Haar dochter is ontvoerd en de zelfde detective die achter Conrad aan zit gaat naar Mansfields dochter op zoek. Een van beide speurtochten wordt opgelost in dit deel en het tweede ongetwijfeld in deel 2: Jack Cool 1967.
Eigenlijk is het verbazend dat er nog niet eerder een stripmaker op het idee is gekomen om iets te maken over hippies en LSD-gebruik. Als detectiveverhaal weet Jack Cool echter niet te boeien. Er wordt maar weinig gespeurd en de detectiveplot lijkt vooral een excuus om een verhaal te maken met kleurrijke personages over een boeiend tijdperk. Dat is wel gelukt, Jack Cool 1966 boeit vooral door de sfeer van het verhaal.
Saga 2018; 56 pagina's; hardcover, kleur; € 19,95
☺☺☺

donderdag 12 april 2018

Een veelzijdige kunstenaar


AFDWALINGEN (Andreas)



Na het afronden van zijn langlopende reeksen verscheen er bij Sherpa een bundel korte verhalen van Andreas. Afdwalingen is het vervolg op Reizigers uit 1992. (In Frankrijk hebben beide boeken de zelfde titel) De opzet van deze boeken is hetzelfde. Hij vroeg aan zes mensen om een scenario te schrijven en voor elk van de verhalen paste hij de tekenstijl aan. Voor Reizigers werkte hij samen met scenaristen die bij ons ook bekend waren: Bezian, Cossu, Foerster, Goffaux, Yann en Claus. Met de meesten van hen deelde hij een achtergrond als student aan het stripatelier van Saint Luc in Brussel.
De scenaristen waar hij deze keer mee samenwerkte zijn wat minder bekend: Mazan, Dieter, Cochet, Cornette, Hyuna en Raven, auteurs die allemaal voor uitgeverij Delcourt werken, net als Andreas zelf.  Ook deze keer ziet ieder verhaal er weer anders uit, maar hebben we toch onmiskenbaar met de zelfde tekenaar te maken. Waar Andreas in zijn lange verhalen een vaste stijl hanteert en vooral experimenteert met vertelstructuren staat in deze bundel het grafische experiment centraal.
Dat heeft mooie en soms zelfs verbluffende resultaten opgeleverd. Het eerste verhaal Zwarte weduwe (scenario van Mazan) is een mooie opener en voor mij persoonlijk het hoogtepunt van de bundel. Voor deze minithriller gebruikte Andreas gekleurd papier als achtergrond bij de tekeningen en verder een heel beperkt aantal kleuren. Mooi. Een ander hoogtepunt is voor mij Laurence (scenario van Hyuna), maar vooral vanwege de tekeningen, die zijn paginagroot en in potlood.
Over het tekenwerk dus niets dan goeds. Andreas lijkt zich iets minder druk te hebben gemaakt over de scenario's. Die zijn in de meeste gevallen tamelijk vaag. Maar misschien moet je ze gewoon net als zijn langlopende reeksen nog een keer lezen voordat alles op zijn plaats valt. Het valt in ieder geval niet te ontkennen dat Andreas met deze bundel wederom laat zien hoe goed en veelzijdig hij is als kunstenaar.
Sherpa 2018; 48 pagina's; hardcover, kleur; € 24,95
☺☺☺☺

maandag 2 april 2018

De stripwereld op zijn kop


WAT IS HET HEELAL TOCH KLEIN (Moebius)
DE OGEN VAN DE KAT (Moebius & Jodorowsky)
ARZACH (Moebius)
DE MAN VAN CIGURI (Moebius)

In 1974 maakt Jean Giraud zijn eerste sciencefictionverhaal: L'homme, est il bon?, een titel die in de loop der jaren diverse vertalers hoofdbrekens bezorgde (Is de mens goed… te pruimen?) Hij is op dat moment behoorlijk populair als tekenaar van de westernreeks Blueberry, maar voor dit verhaal gebruikt hij het pseudoniem Moebius.
Giraud en Moebius waren altijd twee kanten van dezelfde persoon. Giraud is de traditionele ambachtsman, die werkt binnen het stramien van de Europese jeugdstrip en Moebius is de kunstenaar die voortdurend zijn grenzen verkent, experimenteert en zijn eigen ervaringen en opvattingen in zijn grafische verkenningen verwerkt. Moebius krijgt vooral de overhand als Giraud halverwege de jaren zeventig weggaat bij zijn uitgever en zelf mede-eigenaar wordt van een uitgeverij en een tijdschrift waarin hij helemaal zijn eigen gang kan gaan. Er breken productieve jaren aan. Hij kan in Metal Hurlant, zo heet het tijdschrift, helemaal Moebius zijn. Maar het begon met Is de mens goed… een prachtig verhaal over een ruimtereiziger die op een planeet belandt en in handen valt van een groep groene monsters die in hem een lekker hapje zien. Dat valt vies tegen. Het is een grappig verhaal, waar meer in zit dan je op het eerste gezicht zou denken. Dat is vaker zo met  verhalen van Moebius, waarvan er in Wat is het heelal toch klein zes zijn te vinden.
In de jaren zeventig raakt Giraud/Moebius ook betrokken bij het maken van films. De Chileense regisseur Jodorowsky betrekt hem bij zijn plannen om de roman Duin van Frank Herbert te verfilmen. In het amusante voorwoord van De ogen van de kat vertelt Jodorowsky hoe hij in Frankrijk op zoek gaat naar twee tekenaars die hij graag bij Dune wil betrekken en die één persoon blijken te zijn. Iemand die ook bij Dune betrokken is, is Dan O'Bannon. Tijdens het werken er aan schrijft hij The long tomorrow, een hardboiled detective in een sciencefictionsetting. Moebius werkt  het scenario uit tot een stripverhaal van 16 pagina's, ook te vinden in Wat is het heelal toch klein.
Als Moebius veroorzaakte Jean Giraud een revolutie in de Franse stripwereld. Dit was nog nooit vertoond en stond ver af van de jeugdstrips die tot dan toe het beeld bepaalden. Voor veel mensen waren de verhalen ook schokkend door de ongedwongen manier waarop er in om werd gegaan met seksualiteit.
Meer nog dan met zijn korte verhalen zette Moebius het mediumstrip op zijn kop met de langere strips die hij in die tijd maakte: de episodische vertelling Arzach en het feuilleton Majoor Fataal, waarvan een paar jaar geleden nog een sublieme herdruk verscheen bij de zelfde uitgeverij die nu  een reeks uitbrengt met het werk van Moebius zoals het nog nooit eerder te zien was: op groot formaat en perfect gereproduceerd. Vorig jaar verschenen Wat is het heelal toch klein en De ogen van de kat en onlangs kwamen er twee nieuwe delen uit: Arzach en De man van Ciguri.
Het Amerikaanse Dark Horse gaf enige tijd Cheval noir uit, een comic met hoofdzakelijk uit het Frans vertaalde strips (van onder meer Andreas, Tardi, Cosey). Hiervoor maakte Moebius nieuw werk. De man van Ciguru is het vervolg op  Majoor Fataal en heeft de zelfde structuur, het bestaat uit korte hoofdstukken die zich afwisselend afspelen op verschillende locaties. Aanvankelijk is er geen touw aan vast te knopen, maar naarmate het verhaal vordert vallen de puzzelstukjes in elkaar. De man van Ciguri komt minder spontaan over dan zijn voorganger, wat juist de kracht ervan was. Het is zeker geen meesterwerk, maar een mindere Moebius is nog altijd een heel goed boek, alleen al om de tekeningen.
De term meesterwerk is wel van toepassing op Arzach, inmiddels ruim veertig jaar oud en nog altijd even fris. Moebius inspireerde generaties stripmakers door, met de traditionele avonturenstrip wel als uitgangspunt, te laten zien dat het ook helemaal anders kan. Arzach bestaat uit vier verhalen, waarin een man en zijn grote witte vogel centraal staan. Op die vogel vliegt hij over een planeet en raakt daarbij in allerlei situaties verzeild. Een echt verhaal had Arzach niet en daar waren striplezers niet aan gewend. Moebius liet de sluizen van zijn geest opengaan en zette zijn droombeelden op papier in waanzinnige gedetailleerde tekeningen. De pagina's zitten vol met symbolen en archetypen. De sfeer in Arzach is grimmig. Moebius zegt hierover dat hij niet erg gelukkig was met de wereld waarin hij destijds leefde, die vond hij hard en verontrustend. De enige manier om aan de greep daarvan te ontsnappen was volgens hem de weg volgen naar de duistere kanten van de ziel en vervolgens weer omhoog te klimmen om harmonie te vinden. Het werd het begin van een spirituele zoektocht die hij zijn leven lang is blijven volgen en waarvan zijn werk de weerslag vormt.
Maar ook zonder deze kennis is Arzach indrukwekkend. Het tekenwerk is duizelingwekkend en laat Moebius zien op zijn best. In deze goed verzorgde herdruk zien de platen er mooier dan ooit uit.
Sherpa 2017; 56 pagina's; hardcover, kleur/zwartwit; € 39,95 per deel
☺☺☺☺
Kijk ook eens op http://hanspols.nl

zaterdag 10 maart 2018

Vrouwen met lef


WERELDWIJVEN (Penelope Bagieu)
Penelope Bagieu heeft in Frankrijk al diverse succesvolle boeken op haar naam staan, maar Wereldwijven (Culottées) is een absolute hit. De twee bundels met verhalen die eerder verschenen op de website van Le Monde waren een bestseller, er zijn al meer dan 250.000 exemplaren van verkocht. Zegt dat ook iets over de kwaliteit? Oordeel zelf, want uitgeverij Scratch laat nu ook de Nederlandse lezerskennis maken met dit fenomeen.
In Wereldwijven staan vijftien korte verhalen over vrouwen die hun eigen gang gingen en zich van niemand iets aantrokken. Zoals de Nederlandse Josephine van Gorkum, die zich verzette tegen de verzuiling. Of Annette Kellerman, de bedenkster van het badpak, Christine Jorgensen, de eerste openlijke transgendervrouw, Clementine Delait, de beroemde vrouw met de baard. En wie kent de actrice nog die de groene heks speelde in The wizard of Oz?
Penelope Bagieu maakte kleine portretjes van deze en andere vrouwen die lef hadden, actrices, prinsessen, kunstenaars of hele gewone vrouwen die zich verzetten tegen de rol van de vrouw in hun tijd en cultuur. Hun namen zijn vaak vergeten, maar Bagieu haalt ze uit de vergetelheid en beschrijft en tekent hun levens op een inspirerende, maar ook grappige manier.
De paginagrote illustraties waarmee ieder verhaal afsluit zijn een aparte vermelding waard, die zijn het stuk voor stuk waard om zo in te lijsten. Wereldwijven is een prachtig uitgevoerd en heel grappig boek. Ik kijk uit naar het tweede deel.
Scratch 2018; 144 pagina's; hardcover, kleur; € 27,50
☺☺☺☺

maandag 26 februari 2018

Een wanhopig verliefde hond


HILDEBRAND COMIX, 30 JAAR STRIPS (Jeroen Steehouwer)
Jeroen Steehouwer is een prima striptekenaar die te onbekend is. Maar daar komt nu verandering in, want er is een fraaie bloemlezing verschenen van zijn werk.
Het oudste verhaal in Hildebrand Comix is uit 1991. Jeroen Steehouwer timmerde toen al een paar jaar aan de weg en kon voor Sjors en Sjimmie Weekblad gaan samenwerken met de door hem zeer bewonderde (en wat in de vergetelheid geraakte) stripmaker Fred Julsing. Fanteasy was het resultaat van die samenwerking,
In 1990 was Jeroen een van de oprichters van stripstudio Funny Farm in Arnhem. Hij bleef jeugdstrips maken en werkte bijvoorbeeld vrij lang mee aan Suske en Wiske Weekblad met mooie verhalen (Katja, Pelle, ook in deze bundel), maar het kwam niet tot een eigen albumreeks. Misschien bleef hij juist daardoor onbekend. Behalve voor kinderen maakte Jeroen Steehouwer vanaf de jaren negentig ook strips voor de rijpere lezer die verschenen in Razzafrazz, het blad van Funny Farm, en Zone 5300. Voor Zone 5300 tekende hij Wok, over een hond die wanhopig verliefd is op zijn vrouwelijke baasje. Wok wordt in dit boek volledig herdrukt. Een hoogtepunt in zijn werk is De uitweg, een heel persoonlijk verhaal over Jeroens  kinderjaren.
Zijn meest bekende en gewaardeerde boek is waarschijnlijk Waarvan leeft de mens? dat in 2005 bij de literaire uitgeverij Atlas verscheen. Hiervoor bewerkte hij een aantal verhalen van Tsjechov. Ook die zijn opgenomen in Hildebrand Comix. Het meest recente werk in dit boek is de webstrip Puppy.
Alles bij elkaar is Hildebrand Comix een lekker dik boek geworden met alleen maar hoogtepunten uit een dertig jaar omspannende carrière. Het is ook een boek waarin heel mooi te zien is hoe een getalenteerde stripmaker in de loop der jaren zijn eigen stijl zoekt en ontwikkelt. Een mooi overzicht dat in geen stripverzameling mag ontbreken.
Steehouwer en  Leenheer; 210 pagina's; softcover, kleur; € 24,95
Te bestellen via http://steehouwerenleenheer.nl/product/hildebrand-comix-30-jaar-jeroen-steehouwer/
☺☺☺☺

maandag 12 februari 2018

De jacht op informatie


BUG (Bilal)
Het is alweer bijna negen jaar geleden dat het vorige boek van Enki Bilal verscheen. In Animal'z reflecteerde hij op de milieuproblematiek en in Bug pakt hij opnieuw de actualiteit op om er in een science-fictionsetting over te fantaseren, namelijk onze steeds groter wordende afhankelijkheid van digitale informatie.
Het is 2041, Van het ene op het andere moment zijn alle digitale data verdwenen. De gevolgen zijn desastreus: vliegtuigen storten neer, mensen sterven op operatietafels als de apparatuur stil komt te staan en jonge mensen plegen massaal zelfmoord omdat hun smartphone het opgeeft en ze niet meer in staat zijn tot andere dan digitale vormen van contact met anderen. Dat laatste is wel een mooie, en best humoristische vondst van Bilal. Er zit trouwens meer humor in dit boek dan we sinds jaren van deze  tekenende zwartkijker gewend zijn. Zo is er ineens is een enorme vraag naar oude mensen op de arbeidsmarkt. Die zijn immers nog in staat om zelf bijvoorbeeld een auto te besturen.
Intussen wordt ergens in de ruimte astronaut Kameron Obb geïnfecteerd door een buitenaards insect. Dat heeft niet alleen tot gevolg dat hij langzaam verandert in een soort grote smurf, hij wordt steeds blauwer, maar hij beschikt ook ineens over het geheugen van de complete mensheid. Alle ooit opgeslagen data bevinden zich nu in hem.
Niet verwonderlijk dus dat allerlei groeperingen jacht maken op Obb. De machtsverhoudingen op aarde zijn inmiddels behoorlijk veranderd, zoals Bilal op subtiele en soms minder subtiele wijze laat weten. Zo zijn Gibraltar en Istanbul veranderd in kalifaten. En terwijl de jacht op Kameron Obb is geopend maken we ook kennis met een aantal andere personages in het Parijs van de nabije toekomst.
In dit eerste deel van Bug, waarin Bilal een spel speelt met dit begrip door het in een dubbele betekenis te gebruiken, zitten nog veel losse eindjes. Ongetwijfeld komen die allemaal samen in het tweede en laatste deel van Bilals meest interessante boek sinds in ieder geval minstens 9 jaar.
Casterman 1918; 88 pagina's; hardcover, kleur; € 18,95
☺☺☺☺
Kijk ook eens op http://hanspols.nl

woensdag 7 februari 2018

Ballon Media moet zich schamen


CALYPSO (Cosey)

Er zijn drie dingen die opvallen aan het nieuwe boek van Cosey. Het heeft een afwijkend formaat, het is in zwart-wit en het is slecht vertaald. Nu ja, of het aan de vertaling ligt of aan de tekstredactie laat ik in het midden, maar ik heb me gestoord aan een deel van de teksten in dit boek.
Doorgaans beperk ik me bij het bespreken van een vertaald boek tot het oorspronkelijke verhaal en laat ik kritiek op vertaling of lettering achterwege, hoewel hier regelmatig iets aan mankeert. Sommige (Vlaamse) vertalers (ik noem geen naam) maken het zelfs zo bont dat ik een boek terzijde leg en niet verder lees.
Zo erg was Calypso niet, eerlijk is eerlijk, maar ik heb me bij het lezen van Calypso regelmatig gestoord aan wat ik maar zal noemen specifiek Vlaamse woorden, uitdrukkingen en zinsconstructies. In een stripalbum dat het in de eerste plaats moet hebben van beeld en tekst spaarzaam wordt gebruikt valt dit des te meer op.
Goed, de Nederlandse markt voor stripalbums is klein, maar het zijn niet alleen Vlamingen die van de boeken van Cosey houden en die stellen een fatsoenlijke tekstredactie op prijs. (en al helemaal als ze zelf vertalen en redigeren). Daar zou Ballon Media rekening mee moeten houden. Dat een enthousiaste Belg die in zijn eentje een kleine uitgeverij runt wel eens een steekje laat vallen valt te vergeven, maar bij een grote professionele uitgeverij geeft deze nonchalance blijk van minachting voor de Nederlandse lezers. Jullie gaan je moeten schamen, daar bij Ballon Media!
Blloan 2018;102 pagina's; hardcover, zwart-wit; € 22,50
☺☺☺☺
Kijk ook eens op http://hanspols.nl

maandag 5 februari 2018

Geen sentimentele draak


CALYPSO (Cosey) 
Er zijn twee dingen die opvallen aan het nieuwe boek van Cosey. Het heeft een afwijkend formaat en het is in zwart-wit. Verder is het weer typisch een verhaal zoals we dat van Cosey gewend zijn: klein, menselijk en met de natuur als decor. Met Calypso keert hij na jarenlang Amerikaanse decors te hebben gebruikt, weer terug naar Zwitserland.
Gus is een Zwitserse arbeider aan het einde van zijn carrière. Als hij op een avond na  het werk met zin collega Pete naar de oude cultfilm Calypso kijkt, vertelt hij hem dat de ster uit deze film, de oorspronkelijk Zwitserse actrice Georgia Gould, zijn eerste grote liefde was. Als hij er achter komt dat de actrice in Zwitserland is om in een luxueuze kliniek van haar verslavingen af te komen besluit Gus om haar op te gaan zoeken. Samen met Pete bedenkt hij een plan om haar uit de kliniek te bevrijden en haar wens om nog een keer New York te bezoeken in vervulling te laten gaan.
In handen van een andere stripmaker was dit verhaal  wellicht een sentimentele draak  geworden, maar niet bij Cosey. Zijn personages overtuigen, hun emoties zijn echt en ze betrekken je bij hun verhaal. Nog meer dan in zijn vorige boeken geeft Cosey alleen de essentie weer in zijn tekeningen, er is geen lijntje te veel, waar de scene om zwart vraagt gebruikt hij zwart en andere platen ogen bijna leeg wanneer hij bijvoorbeeld op plaat 69 slechts een paar lijnen gebruikt om een meer met op de achtergrond een berglandschap te schetsen. Prachtig! Werken in zwart-wit gaat Cosey, die toch bekend staat om zijn afgewogen kleurgebruik,  goed af en ook de keuze voor het formaat is een goede.  De spreads krijgen er iets filmisch door, een soort grootbeeld. Met tekst gaat hij heel spaarzaam om waardoor de beelden des te meer spreken.
Als je iets ten nadele van Calypso wilt zeggen, is het dat Cosey nauwelijks nog verrast met zijn verhalen, je weet al bij voorbaat wat je van hem kan verwachten. Dat is waar, en Calypso is qua verhaal zeker niet zo sterk als Op zoek naar Peter Pan of De reis naar Italië, maar daar staat tegenover dat hij zich grafisch wel altijd is blijven vernieuwen en in dat opzicht is Calypso zeer geslaagd.
Blloan 2018;102 pagina's; hardcover, zwart-wit; € 22,50
☺☺☺☺

woensdag 24 januari 2018

… de prille warmte van een midzomerdag

DE LOTERIJ (Miles Hyman)
De Frans-Amerikaanse kunstenaar Miles Hyman is gespecialiseerd in het bewerken van korte verhalen en romans tot stripverhaal. Voor zijn nieuwste boek zocht hij het dicht bij huis. Het korte verhaal De Loterij werd namelijk geschreven door zijn grootmoeder Shirley Jackson (1916 - 1965). Ze schreef rond de jaren vijftig van de vorige eeuw zes romans en talloze korte verhalen, waarvan The lottery het bekendst is. Voor zover ik weet zijn er van haar geen verhalen of romans in het Nederlands vertaald. In eigen land staat ze wel bekend als de koningin van de Southern Gothic, omdat ze in haar verhalen veel horror en fantasy verwerkte. Stephen king en Neil Gaiman noemen haar werk als inspiratiebron.
De loterij wordt beschouwd als Shirley Jacksons meesterwerk. Het verhaal speelt zich af in een klein plaatsje in Ndew England. Ieder jaar speelt zich hier een al eeuwenoud ritueel af waar alle bewoners aan meedoen. Maar wat valt er met de loterij te winnen? "De ochtend van de zevenentwintigste juni was helder en zonnig met de prille warmte van een midzomerdag." Dit verhaal dat begint als de beschrijving van een eigenaardig stukje dorpscultuur werkt toe naar een beklemmende climax. Het riep toen het in de jaren vijftig, midden in de Koude Oorlog, verscheen heftige reacties op. in zijn nawoord bij deze stripversie schrijft Jan Donkers: "Ik heb zelden een Amerikaans verhaal gelezen waarvan de impact zo aanvoelde als een knal voor mijn kop."
Miles Hyman is er in geslaagd om het verhaal zo te bewerken dat het opnieuw die dreun geeft. Met raak gekozen kleuren en decors weet Hyman perfect het Amerikaanse platteland op een zomerdag uit te beelden. Hij is ook een meester in het tekenen van gezichten. De gelaatsuitdrukkingen vol verwachting, spanning en angst zijn bepalend voor de sfeer. Na herlezing van het verhaal blijkt hoe slim en bewust hij heeft gekozen voor de openingspagina's van deze stripversie, die afwijken van de opening van het korte verhaal.
De loterij heeft met deze versie van Miles Hyman een uistekende stripversie gekregen die je in een (kille) adem uitleest.
Scratch 2018; 160 pagina's; hardcover, kleur; € 24,90

☺☺☺☺

maandag 1 januari 2018

Wat waren de beste strips en graphic novels van 2017?

Boekenberg
Ik heb de afgelopen maanden weinig boeken besproken, maar dat ligt meer aan mij dan aan het aanbod aan nieuwe stripalbums. Dat was, net als in de voorgaande jaren, enorm. Er waren weken waarin ruim 50 nieuwe titels verschenen. Het is bijna niet bij te houden. En als je alles zou willen kopen wat er verschijnt... moet je een erg goed inkomen hebben.
Voor uitgevers is het uitbrengen van veel boeken in een kleine oplage een manier om risico's te spreiden. Als een van de tien of twintig titels goed loopt is er vrij snel een herdruk geproduceerd en als iets niet goed loopt blijft het verlies beperkt. De vraag is wie er verder baat bij heeft dat de markt met stripboeken wordt overspoeld. De recensent in ieder geval niet. Grote uitgeverijen zijn niet langer bereid om recensie-exemplaren te sturen. Wellicht heb ik daardoor mooie uitgaven gemist, maar mijn algemene indruk is toch, net als vorig jaar dat er wel veel boeken  worden uitgebracht, maar weinig echt goede. Het viel nog niet mee om een top tien samen te stellen van nieuw, vertaald werk.
Alles moet integraal

Nadat de trend een paar jaar geleden rustig op gang kwam lijkt hij niet meer te stuiten. Elke zichzelf respecterende uitgever duikt in de archieven en komt met integrale versies van 'klassiekers'. Er worden kant en klare boeken vertaald uit het Frans (Steven Sterk, Roodbaard, Blueberry), maar er verschijnen ook eigen producties, zoals de integrale Sam van Bosschaert en Legendre, een erg mooi initiatief van Saga, evenals de complete Elno van Jan Vervoort en de Brammetje Bramreeks, beide van Arboris. Helaas zijn er maar weinig reeksen die van het eerste tot het laatste deel even goed zijn en zie je nu al dat de kwaliteit van het werk afneemt, naarmate een aantal integrale reeksen vorderen. Bovendien wordt er nu zo fanatiek in dezelfde vijver gevist dat je bij sommige titels de vraag kunt stellen of ze deze vorm van herwaardering wel echt verdienen. 

Verarming

Verreweg de meeste stripalbum in het Nederlands zijn vertalingen uit het Frans of Engels. Hoogst zelden wordt een Duitse, Italiaanse of Spaanse uitgave vertaald. Juist in deze taalgebieden vinden de laatste jaren interessante ontwikkelingen plaats. In Spanje, Duitsland en (iets minder) Italië stort een nieuwe generatie visuele kunstenaars zich op de graphic novel. Denk aan het succes van Paco Roca in Spanje. Zijn Sporen van het toeval is een van de weinige vertaalde graphic novels van het afgelopen jaar. De graphic novel is als vorm van grafisch vertellen nog springlevend over de grenzen, maar het aanbod in het Nederlands neemt steeds verder af. Dat is jammer.
Nederland - Belgie: 1-0

Als we kijken naar het oorspronkelijk Nederlandstalige werk valt op dat het mooiste dit keer uit Nederland komt met boeken van Peter van Dongen, Willem Ritstier, Frenk Meeuwsen en Marcel Ruijters om er een paar te noemen. De Vlamingen lijken zich drukker te maken om de zoveelste remake van Suske en Wiske of een SF-versie van de Rode Ridder dan om een goede graphic novel. Alleen uitgeverij Bries gaat tegen de verdrukking in door met een eigenwijs uitgavenbeleid dat leidt tot prachtige boeken zoals Papa Zorglu van Simon Spruyt en Een boek waarmee men vrienden maakt, de grafische tour de force van Lukas Verstraete.

Net als vorige jaren heb ik de utgaven waar ik zelf het meeste plezier aan heb beleefd op een rijtje gezet voor je, verdeeld in enkele categorieën: de beste oorspronkelijk Nederlandstalige boeken, de beste vertaalde boeken, de mooiste integralen, de beste niet vertaalde boeken en een aantal uitgaven die ik om de een of andere reden bijzonder vond. Dit zijn ze. 
Beste oorspronkelijk Nederlandstalige boeken

 1. Familieziek van Peter van Dongen en Adriaan van Dis (Scratch). Door Peter van Dongen prachtig in beeld gebracht verhaal van een van Nederlands belangrijkste schrijvers.
2. Wills kracht van Willem Ritstier (SubQ). Op een indringende en ontroerende manier beschrijft Willem Ritstier hoe hij de jaren heeft beleefd waarin zijn vrouw leed aan borstkanker.
3. Zen zonder meester van Frenk Meeuwsen (Sherpa). In korte hoofdstukken schrijft Meeuwsen over zijn leven en over zen... zonder meester.
4. Zon van Wilbert van der Steen (Blloan). Een fraai in beeld gebracht verhaal over de eigenaar van een familiebedrijf, zijn twee dochters en een bastaardzoon.
5. Papa Zorglu van Simon Spruyt (Bries). Een kleurrijk album (in veel opzichten) met een bizarre combinatie van scheppingsverhaal, middeleeuwse heiligenlegende en sprookje.

6. Dode varkers van Ben Vranken (Xtra). Zeer compleet overzicht en mooi vormgegeven van het werk van een stripmaker die al tientallen jaren zijn eigen(wijze)  koers vaart.
7. Canciones van Tobias Tak (Scratch). Op een volstrekt eigen wijze bewerkte Tobias Tak gedichten van Garcia Lorca tot korte stripverhaaltjes.
8. Iedereen op Claudia van Sam Peeters (Scratch). Een prachtig vormgegeven uitgave met grafisch heel sterk, uiterst helder en toch gedetailleerd tekenwerk dat bij iedere keer bekijken weer nieuwe details prijsgeeft.
9. Wolven van Ward Zwart en Enzo Smits (Bries). Smits en Zwart leggen niets uit, maar registreren en creëren een sfeer die je als lezer niet loslaat en onder de huid kruipt.
10. Het 9e eiland van Marcel Ruijters (Sherpa). Een idioot verhaal vol met originele vondsten en min of meer serieuze verhandelingen over het medium strip.

Beste vertaalde boeken

1. La Casa van Paco Roca (Soul food comics). Een prachtig verhaal waarin drie mensen herinneringen ophalen aan hun overleden vader.
2. Het verslag van Brodeck door Manu Larcenet (Blloan). Wat je hier voorgezet wordt is geen gemakkelijke kost, het verhaal wordt traag verteld, is somber en complex, maar o, wat is het mooi en meeslepend.
3, Waar gaan de mieren heen? van Michel Plessix.  Vlak voor zijn overlijden verscheen van Michel Plessix dit oosterse sprookje over een jongen en een pratende geit waarin terloops allerlei levenswijsheid en grote thema's zoals liefde, hebzucht en het doel van je leven voorbijkomen.
4. Nick Cave, Mercy on me van Reinhard Kleist Scratch Books). Geen biografie, maar eerder een eerbetoon aan Nick Cave, de man en zijn muziek. En Kleist gaat met ieder boek mooier tekenen.
5. Gegijzeld van Guy Delisle (Scratch Books). Guy Delisle is erin geslaagd om een meeslepend verhaal te maken dat je er als  lezer bijna tastbaar bewust van maakt hoe het voelt om in een situatie van totale onzekerheid te verkeren.
6.Had meneer nog iets gewenst? van Virginie Augustin en Hubert (Blloan). Een mooi, gelaagd sprookje voor volwassenen over een man die ten onder gaat aan zijn lust. Het einde is hartverscheurend.
7.Ik, moordenaar van Keko en Altarriba (Scratch Books). Een gruwelijke graphic novel in zwart-wit met bloedrode accenten over een man die moorden als lkunstvorm beschouwt.
8.Een zus van Bastien Vives (Casterman).  Een gevoelig en integer verhaal over twee jonge mensen en hun eerste seksuele verkenninhen.
9.Sporen van het toeval van Paco Roca (Soul food Comics). Veelgeroemde graphic novel over een vergeten hoofdstuk uit de Tweede Wereldoorlog, de rol die Spanjaarden speelden bij de bevrijding van Parijs.
10.De hemel boven het Louvre van Bernard Hislaire  (Zet El).Een krachtig verhaal over David, de schilder van de Franse Revolutie, maar ook een essay over de kracht van kunst, mooi in beelden verteld door Hislaire.


De beste integralen en herdrukken

1.Mister Blueberry en Schaduwen over Tombstone  van Giraud en Charlier (Sherpa). Perfect verzorgde herdruk in zwart-wit van de eerste delen van de laatste Blueberry-cyclus.
2.Guust chronologisch van Franquin en Jidéhem (Dupuis).  De definitieve bundeling van alle Guusttekeningen in een serie op groot formaat.
3.Hee, Nick, droom je? Integraal van Hermann (Saga). Een charmant buitenbeentje in het oeuvre van Hermann krijgt herwaardering.
4.Steven Sterk integraal van Peyo en Walthery (Lombard) Peyo's antwoord op Superman.  Met recht een klassieker van de Europese strip.
5.Sam integraal van Jan Bosschaert en Marc Legendre (Saga). Een fraaie eigen productie van Saga met de complete heruitgave van een van de leukste Vlaamse reeksen ooit.
6.Wat is het heelal toch klein en De ogen van de kat van Moebius (sherpa). Korte verhalen en een tekstloos experiment van Jean Girauds alter ego. Eerste twee delen in de ultieme reeks verzameld werk van Moebius.
7.Roze Bottel integraal van Dany en Greg (Saga). Briljante satire met spitse dialogen en sprookjesachtig tekenwerk. Dit was echt een mooie reeks.
8.De complete Elno van Jan Vervoort (Arboris) Vervoort was een van de belangrijkste Nederlandse navolgers van Hergé. In zijn klare lijn tekende en schreef hij drie verhalen voor Eppo die de tand des tijds hebben doorstaan, nu gebundeld in een goed verzorgde uitgave.
9.De macht der onschuldigen van Hirn en Brunschwig (Saga). Herdruk in 1 band van een moderne klassieker met een actueel  thema (inclusief het nooit vertaalde vijfde deel). Een andere uitstekende niet vertaalde thriller van deze auteurs werd dit jaar ook als een dikke bundel uitgebracht: De lach van de clown.
10.The complete Crepax 2: The time eater van Guido Crepax (Fantagraphic Books) Een dik en zwaar boek met als thema science fiction. Vierhonderd pagina's Valentina.

Vijf boeken die vertaald zouden moeten worden


1. Fun van Paolo Bacilieri (Selmade hero). Een intelligente graphic novel over de geschiedenis van het kruiswoordraadsel en nog veel meer.
2.My brothers husband van Gengoroh Tagame (Pantheon). Een hartverwarmend en soms hartverscheurend verhaal over gescheiden ouders, homo-ouderschap, coming out en (volgens Tagame zelf) vooral over familie.
3.Haddon Hall van Nejib (Selfmade hero). Graphic novel over de jaren waarin David Jones David Bowie werd.
4.Alone/Tout Seul van Chaboute (Simon & Shuster/Vents d'ouest) Klein en simpel, maar meesterlijk verteld verhaal over een oude man die alleen woont in een vuurtoren op een afgelegen eiland.
5.The interview van Manuele Fior (Fantagraphic books). Origineel science fictionverhaal van een reizende ster in Italië.

Vijf bijzondere boeken

1. Een boek waarmee men vrienden maakt van Lukas Verstraete (Bries) Grafische tour de force op groot formaat, waarmee Verstraete dankzij geslaagde crowdfunding kon debuteren.
2.Incubator van Hans Lyklema (Palmslag). Mooie wereldwijde bloemlezing van werk van studenten die een opleiding tot stripmaker volgen aan verschillende scholen.
3.Bible of filth van Robert Crumb (Scratch) Mooi als zakbijbel uitgevoerd boekje met Crumbs smerigste tekeningen.
4.Spanish Fever van Santiago Garcia (Fantagraphic books). Een interessante bundel met werk van de jongste generatie Spaanse stripmakers.
5.New York Boek (Scratch) Een fijne nieuwe bundel met tekeningen van Joost Swarte die hij maakte voor The New Yorker.