maandag 16 april 2018

Een geestverruimende trip



 JACK COOL 1966 (Manini & Mangin)

De merkwaardige titel van dit boek, Enkele dagen voor Jezus Grijstus..., verwijst naar meneer Conrad, de succesvolle directeur van een Detroitse autofabriek en Vietnam-veteraan, die op een dag verdwijnt. Hij zegt zijn bestaan als fabrieksdirecteur vaarwel en duikt maanden later volkomen verwaarloosd weer op in een hippiecommune. De hippies vangen hem op, verzorgen hem en geven hem de bijnaam Jezus Grijstus.
Het is 1966, de leider van de hippiegemeenschap is Ken Kesey, een van de eerste proefpersonen voor experimenten met LSD. Hij schrijft er een boek over (One Flew over the Cuckoo's Nest) en dat levert hem zo veel geld op dat hij een autobus koopt die hij vol stopt met geestverruimende middelen en hij begint aan een trip door de Verenigde Staten. Tom Wolfe beschreef die trip die Kesey maakte met zijn hippe aanhangers in  The Electric Kool-Aid Acid Test.
Op zijn beurt schreef Jack Manini over die kleurrijke dagen een tweedelig stripverhaal, waarvan dit het eerste deel is. Historische gegevens vermengt hij met verzonnen personages, zoals Jezus Grijstus en de detective die in opdracht van zijn vrouw naar de verdwenen fabrieksdirecteur op zoek gaat. Behalve Ken Kesey wordt ook Jayne Mansfield opgevoerd als strippersonage, het populaire model dat zich aansloot bij de satanskerk. Haar dochter is ontvoerd en de zelfde detective die achter Conrad aan zit gaat naar Mansfields dochter op zoek. Een van beide speurtochten wordt opgelost in dit deel en het tweede ongetwijfeld in deel 2: Jack Cool 1967.
Eigenlijk is het verbazend dat er nog niet eerder een stripmaker op het idee is gekomen om iets te maken over hippies en LSD-gebruik. Als detectiveverhaal weet Jack Cool echter niet te boeien. Er wordt maar weinig gespeurd en de detectiveplot lijkt vooral een excuus om een verhaal te maken met kleurrijke personages over een boeiend tijdperk. Dat is wel gelukt, Jack Cool 1966 boeit vooral door de sfeer van het verhaal.
Saga 2018; 56 pagina's; hardcover, kleur; € 19,95
☺☺☺

donderdag 12 april 2018

Een veelzijdige kunstenaar


AFDWALINGEN (Andreas)



Na het afronden van zijn langlopende reeksen verscheen er bij Sherpa een bundel korte verhalen van Andreas. Afdwalingen is het vervolg op Reizigers uit 1992. (In Frankrijk hebben beide boeken de zelfde titel) De opzet van deze boeken is hetzelfde. Hij vroeg aan zes mensen om een scenario te schrijven en voor elk van de verhalen paste hij de tekenstijl aan. Voor Reizigers werkte hij samen met scenaristen die bij ons ook bekend waren: Bezian, Cossu, Foerster, Goffaux, Yann en Claus. Met de meesten van hen deelde hij een achtergrond als student aan het stripatelier van Saint Luc in Brussel.
De scenaristen waar hij deze keer mee samenwerkte zijn wat minder bekend: Mazan, Dieter, Cochet, Cornette, Hyuna en Raven, auteurs die allemaal voor uitgeverij Delcourt werken, net als Andreas zelf.  Ook deze keer ziet ieder verhaal er weer anders uit, maar hebben we toch onmiskenbaar met de zelfde tekenaar te maken. Waar Andreas in zijn lange verhalen een vaste stijl hanteert en vooral experimenteert met vertelstructuren staat in deze bundel het grafische experiment centraal.
Dat heeft mooie en soms zelfs verbluffende resultaten opgeleverd. Het eerste verhaal Zwarte weduwe (scenario van Mazan) is een mooie opener en voor mij persoonlijk het hoogtepunt van de bundel. Voor deze minithriller gebruikte Andreas gekleurd papier als achtergrond bij de tekeningen en verder een heel beperkt aantal kleuren. Mooi. Een ander hoogtepunt is voor mij Laurence (scenario van Hyuna), maar vooral vanwege de tekeningen, die zijn paginagroot en in potlood.
Over het tekenwerk dus niets dan goeds. Andreas lijkt zich iets minder druk te hebben gemaakt over de scenario's. Die zijn in de meeste gevallen tamelijk vaag. Maar misschien moet je ze gewoon net als zijn langlopende reeksen nog een keer lezen voordat alles op zijn plaats valt. Het valt in ieder geval niet te ontkennen dat Andreas met deze bundel wederom laat zien hoe goed en veelzijdig hij is als kunstenaar.
Sherpa 2018; 48 pagina's; hardcover, kleur; € 24,95
☺☺☺☺

maandag 2 april 2018

De stripwereld op zijn kop


WAT IS HET HEELAL TOCH KLEIN (Moebius)
DE OGEN VAN DE KAT (Moebius & Jodorowsky)
ARZACH (Moebius)
DE MAN VAN CIGURI (Moebius)

In 1974 maakt Jean Giraud zijn eerste sciencefictionverhaal: L'homme, est il bon?, een titel die in de loop der jaren diverse vertalers hoofdbrekens bezorgde (Is de mens goed… te pruimen?) Hij is op dat moment behoorlijk populair als tekenaar van de westernreeks Blueberry, maar voor dit verhaal gebruikt hij het pseudoniem Moebius.
Giraud en Moebius waren altijd twee kanten van dezelfde persoon. Giraud is de traditionele ambachtsman, die werkt binnen het stramien van de Europese jeugdstrip en Moebius is de kunstenaar die voortdurend zijn grenzen verkent, experimenteert en zijn eigen ervaringen en opvattingen in zijn grafische verkenningen verwerkt. Moebius krijgt vooral de overhand als Giraud halverwege de jaren zeventig weggaat bij zijn uitgever en zelf mede-eigenaar wordt van een uitgeverij en een tijdschrift waarin hij helemaal zijn eigen gang kan gaan. Er breken productieve jaren aan. Hij kan in Metal Hurlant, zo heet het tijdschrift, helemaal Moebius zijn. Maar het begon met Is de mens goed… een prachtig verhaal over een ruimtereiziger die op een planeet belandt en in handen valt van een groep groene monsters die in hem een lekker hapje zien. Dat valt vies tegen. Het is een grappig verhaal, waar meer in zit dan je op het eerste gezicht zou denken. Dat is vaker zo met  verhalen van Moebius, waarvan er in Wat is het heelal toch klein zes zijn te vinden.
In de jaren zeventig raakt Giraud/Moebius ook betrokken bij het maken van films. De Chileense regisseur Jodorowsky betrekt hem bij zijn plannen om de roman Duin van Frank Herbert te verfilmen. In het amusante voorwoord van De ogen van de kat vertelt Jodorowsky hoe hij in Frankrijk op zoek gaat naar twee tekenaars die hij graag bij Dune wil betrekken en die één persoon blijken te zijn. Iemand die ook bij Dune betrokken is, is Dan O'Bannon. Tijdens het werken er aan schrijft hij The long tomorrow, een hardboiled detective in een sciencefictionsetting. Moebius werkt  het scenario uit tot een stripverhaal van 16 pagina's, ook te vinden in Wat is het heelal toch klein.
Als Moebius veroorzaakte Jean Giraud een revolutie in de Franse stripwereld. Dit was nog nooit vertoond en stond ver af van de jeugdstrips die tot dan toe het beeld bepaalden. Voor veel mensen waren de verhalen ook schokkend door de ongedwongen manier waarop er in om werd gegaan met seksualiteit.
Meer nog dan met zijn korte verhalen zette Moebius het mediumstrip op zijn kop met de langere strips die hij in die tijd maakte: de episodische vertelling Arzach en het feuilleton Majoor Fataal, waarvan een paar jaar geleden nog een sublieme herdruk verscheen bij de zelfde uitgeverij die nu  een reeks uitbrengt met het werk van Moebius zoals het nog nooit eerder te zien was: op groot formaat en perfect gereproduceerd. Vorig jaar verschenen Wat is het heelal toch klein en De ogen van de kat en onlangs kwamen er twee nieuwe delen uit: Arzach en De man van Ciguri.
Het Amerikaanse Dark Horse gaf enige tijd Cheval noir uit, een comic met hoofdzakelijk uit het Frans vertaalde strips (van onder meer Andreas, Tardi, Cosey). Hiervoor maakte Moebius nieuw werk. De man van Ciguru is het vervolg op  Majoor Fataal en heeft de zelfde structuur, het bestaat uit korte hoofdstukken die zich afwisselend afspelen op verschillende locaties. Aanvankelijk is er geen touw aan vast te knopen, maar naarmate het verhaal vordert vallen de puzzelstukjes in elkaar. De man van Ciguri komt minder spontaan over dan zijn voorganger, wat juist de kracht ervan was. Het is zeker geen meesterwerk, maar een mindere Moebius is nog altijd een heel goed boek, alleen al om de tekeningen.
De term meesterwerk is wel van toepassing op Arzach, inmiddels ruim veertig jaar oud en nog altijd even fris. Moebius inspireerde generaties stripmakers door, met de traditionele avonturenstrip wel als uitgangspunt, te laten zien dat het ook helemaal anders kan. Arzach bestaat uit vier verhalen, waarin een man en zijn grote witte vogel centraal staan. Op die vogel vliegt hij over een planeet en raakt daarbij in allerlei situaties verzeild. Een echt verhaal had Arzach niet en daar waren striplezers niet aan gewend. Moebius liet de sluizen van zijn geest opengaan en zette zijn droombeelden op papier in waanzinnige gedetailleerde tekeningen. De pagina's zitten vol met symbolen en archetypen. De sfeer in Arzach is grimmig. Moebius zegt hierover dat hij niet erg gelukkig was met de wereld waarin hij destijds leefde, die vond hij hard en verontrustend. De enige manier om aan de greep daarvan te ontsnappen was volgens hem de weg volgen naar de duistere kanten van de ziel en vervolgens weer omhoog te klimmen om harmonie te vinden. Het werd het begin van een spirituele zoektocht die hij zijn leven lang is blijven volgen en waarvan zijn werk de weerslag vormt.
Maar ook zonder deze kennis is Arzach indrukwekkend. Het tekenwerk is duizelingwekkend en laat Moebius zien op zijn best. In deze goed verzorgde herdruk zien de platen er mooier dan ooit uit.
Sherpa 2017; 56 pagina's; hardcover, kleur/zwartwit; € 39,95 per deel
☺☺☺☺
Kijk ook eens op http://hanspols.nl

zaterdag 10 maart 2018

Vrouwen met lef


WERELDWIJVEN (Penelope Bagieu)
Penelope Bagieu heeft in Frankrijk al diverse succesvolle boeken op haar naam staan, maar Wereldwijven (Culottées) is een absolute hit. De twee bundels met verhalen die eerder verschenen op de website van Le Monde waren een bestseller, er zijn al meer dan 250.000 exemplaren van verkocht. Zegt dat ook iets over de kwaliteit? Oordeel zelf, want uitgeverij Scratch laat nu ook de Nederlandse lezerskennis maken met dit fenomeen.
In Wereldwijven staan vijftien korte verhalen over vrouwen die hun eigen gang gingen en zich van niemand iets aantrokken. Zoals de Nederlandse Josephine van Gorkum, die zich verzette tegen de verzuiling. Of Annette Kellerman, de bedenkster van het badpak, Christine Jorgensen, de eerste openlijke transgendervrouw, Clementine Delait, de beroemde vrouw met de baard. En wie kent de actrice nog die de groene heks speelde in The wizard of Oz?
Penelope Bagieu maakte kleine portretjes van deze en andere vrouwen die lef hadden, actrices, prinsessen, kunstenaars of hele gewone vrouwen die zich verzetten tegen de rol van de vrouw in hun tijd en cultuur. Hun namen zijn vaak vergeten, maar Bagieu haalt ze uit de vergetelheid en beschrijft en tekent hun levens op een inspirerende, maar ook grappige manier.
De paginagrote illustraties waarmee ieder verhaal afsluit zijn een aparte vermelding waard, die zijn het stuk voor stuk waard om zo in te lijsten. Wereldwijven is een prachtig uitgevoerd en heel grappig boek. Ik kijk uit naar het tweede deel.
Scratch 2018; 144 pagina's; hardcover, kleur; € 27,50
☺☺☺☺

maandag 26 februari 2018

Een wanhopig verliefde hond


HILDEBRAND COMIX, 30 JAAR STRIPS (Jeroen Steehouwer)
Jeroen Steehouwer is een prima striptekenaar die te onbekend is. Maar daar komt nu verandering in, want er is een fraaie bloemlezing verschenen van zijn werk.
Het oudste verhaal in Hildebrand Comix is uit 1991. Jeroen Steehouwer timmerde toen al een paar jaar aan de weg en kon voor Sjors en Sjimmie Weekblad gaan samenwerken met de door hem zeer bewonderde (en wat in de vergetelheid geraakte) stripmaker Fred Julsing. Fanteasy was het resultaat van die samenwerking,
In 1990 was Jeroen een van de oprichters van stripstudio Funny Farm in Arnhem. Hij bleef jeugdstrips maken en werkte bijvoorbeeld vrij lang mee aan Suske en Wiske Weekblad met mooie verhalen (Katja, Pelle, ook in deze bundel), maar het kwam niet tot een eigen albumreeks. Misschien bleef hij juist daardoor onbekend. Behalve voor kinderen maakte Jeroen Steehouwer vanaf de jaren negentig ook strips voor de rijpere lezer die verschenen in Razzafrazz, het blad van Funny Farm, en Zone 5300. Voor Zone 5300 tekende hij Wok, over een hond die wanhopig verliefd is op zijn vrouwelijke baasje. Wok wordt in dit boek volledig herdrukt. Een hoogtepunt in zijn werk is De uitweg, een heel persoonlijk verhaal over Jeroens  kinderjaren.
Zijn meest bekende en gewaardeerde boek is waarschijnlijk Waarvan leeft de mens? dat in 2005 bij de literaire uitgeverij Atlas verscheen. Hiervoor bewerkte hij een aantal verhalen van Tsjechov. Ook die zijn opgenomen in Hildebrand Comix. Het meest recente werk in dit boek is de webstrip Puppy.
Alles bij elkaar is Hildebrand Comix een lekker dik boek geworden met alleen maar hoogtepunten uit een dertig jaar omspannende carrière. Het is ook een boek waarin heel mooi te zien is hoe een getalenteerde stripmaker in de loop der jaren zijn eigen stijl zoekt en ontwikkelt. Een mooi overzicht dat in geen stripverzameling mag ontbreken.
Steehouwer en  Leenheer; 210 pagina's; softcover, kleur; € 24,95
Te bestellen via http://steehouwerenleenheer.nl/product/hildebrand-comix-30-jaar-jeroen-steehouwer/
☺☺☺☺

maandag 12 februari 2018

De jacht op informatie


BUG (Bilal)
Het is alweer bijna negen jaar geleden dat het vorige boek van Enki Bilal verscheen. In Animal'z reflecteerde hij op de milieuproblematiek en in Bug pakt hij opnieuw de actualiteit op om er in een science-fictionsetting over te fantaseren, namelijk onze steeds groter wordende afhankelijkheid van digitale informatie.
Het is 2041, Van het ene op het andere moment zijn alle digitale data verdwenen. De gevolgen zijn desastreus: vliegtuigen storten neer, mensen sterven op operatietafels als de apparatuur stil komt te staan en jonge mensen plegen massaal zelfmoord omdat hun smartphone het opgeeft en ze niet meer in staat zijn tot andere dan digitale vormen van contact met anderen. Dat laatste is wel een mooie, en best humoristische vondst van Bilal. Er zit trouwens meer humor in dit boek dan we sinds jaren van deze  tekenende zwartkijker gewend zijn. Zo is er ineens is een enorme vraag naar oude mensen op de arbeidsmarkt. Die zijn immers nog in staat om zelf bijvoorbeeld een auto te besturen.
Intussen wordt ergens in de ruimte astronaut Kameron Obb geïnfecteerd door een buitenaards insect. Dat heeft niet alleen tot gevolg dat hij langzaam verandert in een soort grote smurf, hij wordt steeds blauwer, maar hij beschikt ook ineens over het geheugen van de complete mensheid. Alle ooit opgeslagen data bevinden zich nu in hem.
Niet verwonderlijk dus dat allerlei groeperingen jacht maken op Obb. De machtsverhoudingen op aarde zijn inmiddels behoorlijk veranderd, zoals Bilal op subtiele en soms minder subtiele wijze laat weten. Zo zijn Gibraltar en Istanbul veranderd in kalifaten. En terwijl de jacht op Kameron Obb is geopend maken we ook kennis met een aantal andere personages in het Parijs van de nabije toekomst.
In dit eerste deel van Bug, waarin Bilal een spel speelt met dit begrip door het in een dubbele betekenis te gebruiken, zitten nog veel losse eindjes. Ongetwijfeld komen die allemaal samen in het tweede en laatste deel van Bilals meest interessante boek sinds in ieder geval minstens 9 jaar.
Casterman 1918; 88 pagina's; hardcover, kleur; € 18,95
☺☺☺☺
Kijk ook eens op http://hanspols.nl

woensdag 7 februari 2018

Ballon Media moet zich schamen


CALYPSO (Cosey)

Er zijn drie dingen die opvallen aan het nieuwe boek van Cosey. Het heeft een afwijkend formaat, het is in zwart-wit en het is slecht vertaald. Nu ja, of het aan de vertaling ligt of aan de tekstredactie laat ik in het midden, maar ik heb me gestoord aan een deel van de teksten in dit boek.
Doorgaans beperk ik me bij het bespreken van een vertaald boek tot het oorspronkelijke verhaal en laat ik kritiek op vertaling of lettering achterwege, hoewel hier regelmatig iets aan mankeert. Sommige (Vlaamse) vertalers (ik noem geen naam) maken het zelfs zo bont dat ik een boek terzijde leg en niet verder lees.
Zo erg was Calypso niet, eerlijk is eerlijk, maar ik heb me bij het lezen van Calypso regelmatig gestoord aan wat ik maar zal noemen specifiek Vlaamse woorden, uitdrukkingen en zinsconstructies. In een stripalbum dat het in de eerste plaats moet hebben van beeld en tekst spaarzaam wordt gebruikt valt dit des te meer op.
Goed, de Nederlandse markt voor stripalbums is klein, maar het zijn niet alleen Vlamingen die van de boeken van Cosey houden en die stellen een fatsoenlijke tekstredactie op prijs. (en al helemaal als ze zelf vertalen en redigeren). Daar zou Ballon Media rekening mee moeten houden. Dat een enthousiaste Belg die in zijn eentje een kleine uitgeverij runt wel eens een steekje laat vallen valt te vergeven, maar bij een grote professionele uitgeverij geeft deze nonchalance blijk van minachting voor de Nederlandse lezers. Jullie gaan je moeten schamen, daar bij Ballon Media!
Blloan 2018;102 pagina's; hardcover, zwart-wit; € 22,50
☺☺☺☺
Kijk ook eens op http://hanspols.nl